Werkwoord: אֲבָרֲכֵם – ’abaarakeem
Eerste stap: de voor- en achtervoegsels verwijderen.
Preformatief א (’alef) | → | eerste persoon enkelvoud (geen persoonsuitgang) |
. | → | preformatieve conjugatie (PC) |
Suffix ם (meem) | → | derde persoon mannelijk meervoud |
. | → | "ik x hen" |
- De drieradicalige wortel blijft staan.
- ברך – baarak, “zegenen”
- Wordt met name gebruikt in werkwoordsstam pi‘eel
Resultaat: “ik zegen hen” (indicatief) of: "ik zal hen zegenen" (toekomende tijd)
Verwante voorbeelden: van het werkwoord ברך - baarak, "zegenen"
- → יְבָרֶכְךָ jebaarekekaa
- → תְבָרֲכוּ tebaarakoe
- → אֲבָרֲכֵם ’abaarakeem